
AI kan veel. Soms verrassend veel. Een opzet schrijven, een titel bedenken, structuur aanbrengen of ideeën genereren waar je zelf nog niet aan had gedacht: het is allemaal in een handomdraai uitgewerkt. En dat is best fijn, zeker als je veel content maakt. Het kan voelen alsof er ineens een extra paar handen beschikbaar is.
En eerlijk? Dat ís ook zo. Maar dat betekent niet automatisch dat teksten beter worden zodra AI meeschrijft. Sterker nog, er zijn momenten waarop ik merk dat het tegenovergestelde gebeurt. Momenten waarop een tekst technisch prima in elkaar zit, maar toch iets mist. En juist die momenten vind ik interessant, omdat daar de grens zichtbaar wordt tussen een tekst die “goed klinkt” en een tekst die echt iets doet.
Wanneer het te makkelijk gaat
In dit AI-tijdperk voelt het soms alsof ik moet kiezen: heel snel heel veel content schrijven om de grote spelers bij te houden, of juist minder publiceren en meer eigenheid in mijn teksten stoppen.
Die snelheid voelt soms echt als winst, vooral wanneer je veel schrijft of meerdere websites beheert. Blogs staan sneller online, kosten minder energie en ideeën blijven makkelijker doorstromen. Maar tegelijk merk ik ook steeds vaker de keerzijde daarvan.
Want soms staat er binnen twintig minuten een complete tekst in mijn dashboard. Inclusief tussenkopjes, logische opbouw en keurige zinnen. Alles lijkt te kloppen, maar toch blijft er tijdens het lezen iets wringen. Niet omdat de tekst fout is, maar juist omdat hij té soepel voelt. Alsof er nergens meer echte keuzes zijn gemaakt. Dat zijn vaak de momenten waarop ik merk dat er te weinig van mezelf in zit.
Wanneer alles “klopt”
Iets wat AI opvallend goed kan, is logisch schrijven. Alle zinnen lopen netjes, overgangen voelen natuurlijk en alinea’s sluiten goed op elkaar aan. Maar precies daardoor ontstaat soms een ander probleem: alles wordt té glad. Het wordt een afgeronde, veilige tekst waarbij niemand direct kan aanwijzen wat er mis is, maar die je ook nergens echt raakt of verrast.
Wanneer ik zo’n alinea dan teruglees, denk ik: ja, dit klinkt prima… maar zou ik dit zelf ook echt zo op die manier zeggen? En voor mij is dat verschil steeds belangrijker geworden sinds ik vaker met AI werk. Want een tekst hoeft niet perfect te zijn om goed te zijn.
Sterker nog, juist kleine afwijkingen maken iets vaak herkenbaar, zoals een onverwachte formulering, een persoonlijke observatie of juist een gedachte die nog een beetje schuurt. Precies dat zijn de kleine dingen die snel verdwijnen zodra AI te veel gaat overnemen.
De grootste valkuil: stoppen met nadenken
Misschien zit daar uiteindelijk wel het echte risico. Het probleem is niet dat AI teksten schrijft, maar dat je zelf steeds minder actief betrokken raakt tijdens het schrijven. Want AI neemt ongemerkt veel denkwerk uit handen. Niet alleen grammatica of structuur, maar ook creatieve keuzes, zoals de invalshoek van een tekst. Wat je benadrukt. Wat je weglaat. Welke richting een alinea opgaat. Als je niet oppast, beslist AI ook wat je eigenlijk écht wil zeggen. En laten dat nou juist de keuzes zijn waar kwaliteit ontstaat.
Twijfel klinkt vaak negatief, maar tijdens het schrijven is twijfel soms juist heel waardevol. Het dwingt je om opnieuw te kijken. Kan ik iets scherper formuleren? Klopt het daadwerkelijk wat ik zeg? Wanneer alles direct soepel loopt, verdwijnt die scherpte ongemerkt naar de achtergrond.
Wat ik doe als de tekst niet kloppend voelt
Als ik twijfel voel bij een door AI geschreven tekst, probeer ik niet meteen van alles aan te passen. Het heeft weinig zin om direct zinnen te herschrijven of woorden te vervangen om een tekst ‘persoonlijker’ te laten voelen. Want meestal zit het probleem dan dieper.
Als de basis van de tekst niet klopt, blijf je eigenlijk pleisters plakken op een tekst die nooit echt van jezelf is geworden. Dus probeer ik eerst weer terug te gaan naar die kern, soms door simpelweg het gesprek aan te gaan met, in mijn geval, ChatGPT.
Wat wilde ik eigenlijk zeggen voordat AI alle nette formuleringen eromheen bouwde? Waar zit de echte observatie? Welke gedachte had ik, die dit onderwerp überhaupt interessant genoeg maakte om over te schrijven? En misschien nog wel het belangrijkste van alles: zou ik dit zelf ook echt willen lezen als ik op deze pagina terechtkwam?
En ja, soms betekent dat dat een complete opzet weer verdwijnt. Hoewel dat meer tijd kost, levert het uiteindelijk vaak wel veel betere teksten op.
AI als hulpmiddel, niet als vervanging
Dat betekent overigens niet dat AI slecht is voor schrijven. Integendeel, ik gebruik het zelf bijna dagelijks. Voor structuur. Voor sparren. Voor nieuwe invalshoeken. Soms gewoon om een eerste drempel weg te halen wanneer een tekst nog nergens naartoe lijkt te gaan.
Maar juist doordat AI zó goed geworden is, merk ik ook hoe belangrijk het blijft om zelf zichtbaar aanwezig te blijven in wat ik schrijf. Niet door geforceerd persoonlijk te doen of overal anekdotes aan toe te voegen, maar door bewust keuzes te blijven maken. Door niet automatisch de eerste versie te accepteren omdat die toevallig soepel leest.
En misschien vooral door mezelf af en toe af te vragen: zou ik dit ook geschreven hebben zonder AI?
Binnen Content & AI deel ik mijn zoektocht naar hoe AI en content samen kunnen gaan zonder dat het persoonlijk verdwijnt. Geen perfecte antwoorden of snelle succesformules, maar observaties, experimenten en gedachten vanuit het proces zelf.
Geef een reactie